Alcohol komt via de slokdarm, de maag en de dunne darm in het bloed terecht. Met het bloed wordt het verspreid over het hele lichaam. Zodra het de hersenen heeft bereikt, voel je dat je wat gedronken hebt: je wordt licht in het hoofd. De meeste mensen worden na een paar glazen ook wat vrolijker en spraakzamer, doordat remmingen wegvallen.
Alcohol verdooft de hersenen. Het gevolg daarvan is dat wanneer je meer drinkt, je steeds trager reageert. Je ziet niet alles meer wat om je heen gebeurt, en zegt soms dingen waar je later spijt van krijgt. Bij het drinken van meer dan 20 à 25 glazen alcohol in korte tijd kunnen bewusteloosheid en een ademhalings- en hartstilstand optreden.